Bommie Paradise


Zachtjes drijven we met de stroom mee door de pas. De bijboot dobbert achter ons aan. Onder ons grote scholen vis in alle kleuren van de regenboog. Eenmaal weer binnen in het atol kijken we onze ogen uit in een uitgestrekte koraaltuin. Hand in hand zweven we, omringd door honderden felblauwe visjes. Om de beurt knijpen we in elkaars hand en wijzen we op weer een nieuwe bijzondere vis die we zien.

Wat een paradijs!

Een flinke haai zwemt traag onder ons door. Hij is niet geïnteresseerd in ons en zolang dat zo is, maak ik me er ook niet meer druk om. Hoe anders ervaarde ik deze eilandengroep twee maanden geleden, toen passen, bommies en haaien me zoveel stress bezorgden…


De Tuamotus. Polynesisch voor de ‘verafgelegen eilanden’. Maar ook wel de Dangerous Islands genoemd. In vroeger tijden was het risico om hier te vergaan op de riffen van een van de laagliggende en dus slecht zichtbare atollen levensgroot. Waarom zou je daar überhaupt naartoe willen?

Het GPS-tijdperk heeft verandering gebracht. En nu vormen de zeilbootjes zoals wij op MarineTraffic een lang doorlopend lint, alsof we met z'n allen op een snelweg zitten.

Maar er blijven uitdagingen.

De Tuamotus zijn atollen, oude vulkanen die langzaam in zee zijn weggezakt, met daaromheen een ring van koraal met daarop kleine eilandjes, de motus, en in het midden een enorme lagune. Sommige lagunes zijn zo groot als het IJsselmeer. Buiten het atol deining en oceaangolven, binnen meestal heerlijk vlak water. Maar ook ontelbare bommies, koraalhoofden, die overal in het atol liggen. Sommige zitten diep genoeg om er overheen te varen. Andere niet. En sommige zijn vanaf de boot goed te zien, maar veel ook niet. De zeekaarten zijn hier waardeloos. Het lijkt wel een mijnenveld. Gelukkig heeft de moderne techniek daar ook hulpmiddelen voor. Satellietbeelden.

Wij komen begin juni, na een tocht van drie dagen vanuit de Marquesas, aan bij Raroia, ons eerste atol. Alles heb ik zo goed mogelijk voorbereid. Wind, stroming en golven bekeken, berekeningen gemaakt en een route uitgezet aan de hand van satellietbeelden. Maar is het goed genoeg…?

We hebben net bericht gekregen van twee bekende schepen die op een van de atollen op een bommie zijn gevaren, met zware schade tot gevolg. Dat helpt niet echt voor mijn gemoedsrust, zal ik maar zeggen.

Het binnenvaren van de pas blijkt een eitje. Timing ok. Het slalommen tussen de bommies in het atol blijft ondanks de voorbereiding een enerverende bezigheid. En het ankeren tussen al die donkere vlekken is ronduit stressvol. Maar we raken niets en het anker ligt.

Eric duikt het water in om te controleren of we geen bommies om ons kunnen raken. Liggen we ook veilig als de wind draait? Hij komt weer boven water en geeft het laatste verlossende ok-teken. ‘Kom nu maar snel aan boord, want ik zag een haai!’ Iedereen kan wel roepen dat hier alleen maar lieve haaitjes rondzwemmen, maar ik vertrouw die beesten niet. Pas als Eric de zwemtrap bereikt, adem ik diep uit. Langzaam voel ik mijn kaken en schouders ontspannen en de knoop in mijn maag ontwarren.

Nu alles goed is, merk ik pas hoe gespannen ik was. En hoe prachtig de omgeving is. Voor Marelief een wit zandstrand waar palmbomen zachtjes wiegen in de wind. Om ons heen lichtblauw water, zo helder dat de schaduw van Marelief zichtbaar is op de bodem. We zijn er. Alles ging goed. Tijd voor een welverdiend ankerbiertje!


We slapen heerlijk. Vlak water. Het geruis van palmbomen en de oceaan op de achtergrond en duizenden sterren boven ons. De volgende dag peddelen we door de stroompjes water tussen de motus, luieren in de hangmat tussen twee palmbomen en maken schoon schip.

Ondertussen moet ik een oplossing bedenken voor ons bananenprobleempje.

We zijn vanuit Fatu Hiva niet bepaald zuinig vertrokken. We hebben kilo's papaja's, heel veel citroenen, pompelmoezen, avocado's en drie stammen bananen meegenomen. Dat klinkt achteraf gezien een beetje alsof we van plan waren een fruitwinkel te beginnen. Maar ja. Die bananen beginnen natuurlijk allemaal tegelijk rijp te worden. Ik doe er alles aan om ze zo lang mogelijk goed te houden. Het bovenste stukje wordt ingepakt met aluminiumfolie. Ze hangen in de schaduw. Ik maak bananenpannenkoeken, bananenbrood en we eten gewoon bananen uit het vuistje. We zien er geel van.

Maar ja. Driehonderd bananen krijg je niet zomaar opgegeten en weggooien vind ik geen optie. Dus ik google wat je dan nog met tweehonderd overrijpe bananen kunt doen. En zo ontstaat de bananenboot. Overal in de boot liggen stukken banaan tussen bakpapier. Op verhoginkjes in de zon. 's Avonds weer naar binnen. Bananen op de muggennetten, op rekjes, op allerlei plekken waar ik nog net een stukje ruimte kan vinden. Een paar dagen ben ik bezig. Als de bananen droog genoeg zijn, trek ik het bakpapier eraf, rol ze op en stop ze in ziplockzakken. Het resultaat is verrassend goed. We hebben nu een soort Turks fruit van banaan. Lekker in de zelfgemaakte yoghurt. Je moet wat als je in een atol ligt.


Van Raroia varen we naar Makemo, daarna naar Tahanea, Fakarava en Toau. Afstandjes van tussen de 30 en 70 zeemijlen. Ongemerkt komen we in een ritme.

We raken steeds beter in het lezen van de kleuren van het water en het interpreteren van verschillende satellietbeelden. Dat geeft rust. Misschien wel iets te veel rust. Want de bommies zijn er nog steeds. En de boten die er tegenaan varen ook. Juist nu ik denk dat ik het een beetje onder de knie heb, moet ik mezelf eraan herinneren dat dit precies het moment is waarop ik weer even goed moet opletten.

Op Fakarava gaan we naar de beroemde Wall of Sharks. Met de dinghy naar de pas, snorkelspullen mee en ons met de inkomende stroming mee laten voeren. Prachtig koraal, enorme hoeveelheden vissen en in de diepte honderden haaien. Dit keer zwem ik gewoon.

We wachten nog even op de komst van de bevoorradingsboot voor we verder varen. Na weken met inmiddels bonen, blikken en wat er nog meer uit de voorraadkast kwam, voelt een tomaat inmiddels bijna als een luxeproduct. En met een goed gevulde koelkast en vriezer varen we verder westwaarts.

De stroom van zeilers die voor het cycloonseizoen in Nieuw-Zeeland willen zijn, is inmiddels gepasseerd. Wat blijft zijn de mensen die hier ook nog een tijdje blijven en oude bekenden. Langzaam ontstaat er ook weer iets wat hier in het begin nog een beetje ontbrak: het gevoel dat we hier niet alleen onderweg zijn, maar ook ergens bij horen. Een groep zeilers die net als wij langzaam westwaarts trekt en die we steeds weer tegen het lijf lopen.

Zo ontstaat er, zonder dat we het echt merken, opnieuw een soort familie van zeilers om ons heen die elkaar vinden bij het snorkelen, een sundowner aan boord, een klusje waar iemand hulp bij nodig heeft, of een kampvuur op het strand zoals vanavond.

De grote schijnwerper op de bijboot van Jeff en Lynn verlicht het ondiepe water voor ons. We volgen hun licht tussen het koraal door terug naar Marelief. Achter ons blijft het kampvuur nog branden en op het strand zitten nog steeds mensen om het vuur heen.

Wij zijn natuurlijk weer onze zaklamp vergeten. Niet echt handig als je 's avonds over een donker rif terug moet. Maar blijkbaar zijn we inmiddels ontspannen genoeg om ons daar niet al te druk over te maken. We varen gewoon achter het licht van Jeff en Lynn aan.

De bommies zijn er nog steeds. De haaien ook.

Maar het paradijs bestaat!


Mare Liefs,

Karin





























































































Reacties

  1. Hoi lieverds,
    Het is dromen met je ogen open!! Ik weet niet wat ik zie, zo overweldigend mooi. En super stoer dat je ondanks de haaien toch gaat snorkelen. Ik zou zeggen: geniet met volle teugen, en pas op de bommies. Maar jullie doen het super goed! Dikke kus 😘

    BeantwoordenVerwijderen
    Reacties
    1. Dank je wel Alba! Ja ben er inmiddels wel aan gewend het water met haaien te delen 😉

      Verwijderen
  2. De foto’s en de tekst “knallen van het scherm af”. Ik denk dat je het met eigen ogen moet zien om het écht te kunnen bevatten. Er zijn dus nog ongerepte stukken natuur op onze aarde, en HOE! Bijzonder dat jullie dit meemaken (en delen). Ook stoer, want er kan genoeg misgaan maar ‘the universe’ is jullie goedgezind ✨

    BeantwoordenVerwijderen

Een reactie posten

Populaire posts van deze blog

Kaoha Apai

In sneltreinvaart richting 2026

Onze parel in de Zuidzee?

Papa-oe en mama-oe gaan weer zeilen

Met de wilde frisheid van limoenen

Ankeren in Anaho

Even terug van weggeweest

Tussen oceanen; tussen afscheid en droom

Een andere wereld

Snowbirds